‘LADY OF AMSTERDAM’ SOMS ALS EEN DOBBER OP DE WOESTE GOLVEN’

Vandaag een nieuw reisverslag van de Amsterdamse leraar BERT VAN DER WOERDT, die samen met zijn vrouw Marianne een reis naar het Caraïbisch gebied (en terug) maakt. Het echtpaar maakt de toch met de Lady of Amsterdam, een sloepgetuigd stalen jacht (en niet een Waar schip, zoals wij de vorige keer abusievelijk vermeldden). Het eerste reisverslag (vanuit het Engelse Falmouth) publiceerden wij op zaterdag 3 september in PS. De tweede bijdrage bevat een verslag van de woelige reis van Engeland naar Spanje.
,_Aüo zailing sjiep, allo zailing sjiep, zis is cargoship Christina, doe joe ried mie?”
We horen haar en midden op zee voeren we vervolgens een gesprek met het Spaanse vrachtschip Christina.
We hebben de ochtend doorgebracht met samen in de kuip zitten en om de beurt op de toeter blazen. Het zit potdicht van de mist en in de verte horen we de zware hoorn van een vrachtschip. We zitten iets westelijk van de scheepvaartroute en knijpen hem behoorlijk. De wind is nog maar heel zwak, maar de motor kan niet aan want dan horen we de andere schepen niet.
Zo brengen we drie uur door, langzaam naar het Westen varend, turend in de grijze natte deken en doodstil luisterend.
Wind
Opeens, wind! Uit het noordoosten nog wel. De mist waalt weg en we gaan terug op onze oude koers. Nu kruisen we de route dan toch echt. De wind neemt toe en binnen twee uur moet de stormfok erop en het grootzeil dichtgereefd (oppervlak verkleind tot ongeveer 16 vierkante meter). De golven lopen hoog op en alleen op de toppen kunnen we goed uitkijken. En dan zijn ze er. Hoog en angstaanjagend tegen de loodgrijze lucht: Drie messcherpe voorstevens met bijpassende schuimsnorren. In grimmige eenheid komen ze naast elkaar op ons af. De eerste twee gaan net achter ons om. de derde en kleinste jaagt door, duidelijk op ramkoers.
Ik besluit dat het tijd wordt voor een lichtkogel om de aandacht te vragen. Het pistool, keurig volgens de instructie opzij gehouden gaat verrassend vlug at: de kogel boort zich door de spatzeilen, schroeit de stuurlijnen en dooft groen rokend in de zee. Nóg één dan maar. Nu een heldere witte flits, hoog in de lucht. Het derde schip mindert nu vaart en de naam is goed leesbaar, CHristina Bilbao. Ideale gelegenheid voor een positiecontrole.
„Hallo Christina, Hallo Christina. This is sailino yacht Lady oj Amsterdam, do you read me?” roep ik dan ook verwachtingsvol in de microfoon. Het antwoord komt prompt. Ik bedank voor het uitwijken en vraag hun positie. Deze klopt fraai met de onze, zodat ik mezelf ter plaatse een voldoende voor rekenen kan geven. Christina wenst ons nog een goede reis en ondanks het Engels met Spaans accent meen ik iets van bezorgdheid te beluisteren.
Donker
We zijn nog een dikke dertig mijl van La Coruna en dat betekent aanlopen in het donker. We voelen daar niets voor, dus bijliggen, bijna tegen de wind in. De diesel langzaam draaiend ter lading van de accu. Lady is als een dobber op de golven. Als we uit de route zijn is het bijna donker en gaan we „dineren”. In de kajuit is het verrassend rustig. Al balancerend maken we soep en koffie en eten crackers met kaas. (Wie niet van crackers houdt moet nooit aan dit soort reizen beginnen).
Het is twee september en de zevende dag na ons vertrek uit Falmouth. Met koffie en een sigaret praten we de voorbije dagen door, iets te voorbarig zoals later zal blijken.
In Falmouth moesten we veel en lang wachten. Het log, onontbeerlijk bij de navigatie had de geest gegeven. Ter controle van het onderwatergedeelte hebben we Lady op een kalme dag drooggezet tegen de kademuur van de jachtclub. Zoals gevreesd was echter de elektronica kapot. Reparatie ter plaatse niet mogelijk, opsturen naar de fabriek. We balen krachtig.
Dat duurt maar kort, want de BBC geeft bij de stormwaarschuwingen krachten van 9 en 10 voor dat deel van Biscaye waar we net geweest zouden zijn. Als het log terug is moeten we nog drie dagen naar dit soort berichten luisteren. Dan lijken de lagedrukgebieden uitgewoed en op zaterdag 27 augustus verlaten we de haven van Falmouth.
We voelen een mengsel van spanning en opluchting. Spanning vanwege de eerste „grote” oversteek en opluchting dat we eindelijk verder kunnen. Vijf tot zeven dagen zullen we alleen zijn met water en wind.
Deining
Als we Falmouth verlaten is de wind N.W. 5-7 en we stormen ever de hoge deining met een snelheid van ruim zeven mijl. We krijgen regelmatig een zeetje aan dek. In zwemvest en veiligheidsgordel zitten we in de kuip, uitkijkend naar de grote jongens. Het kan hier druk zijn.
Als het donker wordt ga ik een paar uur slapen. Marianne houdt zeeziek en wel de wacht. In de loop van de nacht neemt de wind af en draait naar het zuidwesten; precies weer de kant die we op moeten. Marianne’s zeeziekte gaat niet over en ik heb nog steeds geen honger. We weten niet zeker of we het allemaal wel leuk vinden, maar wachten rustig af tot we „ingeslingerd” zijn, iets dat volgens kenners twee tot vier dagen duurt. Als op zondagmiddag de eerste dolfijnen om de boot komen springen en duiken knappen we daar erg van op.
Het duurt drie dagen voor we beiden ons ritme te pakken hebben, maar dan is het ook goed. De dagen glijden langzaam in elkaar over. Weerberichten en slaaptijden bepalen de dagindeling. Klok en datum zijn alleen voor de navigatie belangrijk, ’s Morgens om een uur of negen maak ik het ontbijt en we eten dat heel huiselijk samen aan tafel op. Het eerste zonnetje van de dag wordt geschoten, Marianne gaat slaap inhalen en ik neem de wacht over, d.w.z. koffie drinken, de zonshoogte uitwerken en wat lezen. Af en toe naar boven om uit te kijken.
Rekenen
We zitten hier ver van de routes, de zee is kalm en de lucht helder. Rond het middaguur drinken we samen weer koffie en wordt de volgende zonshoogte genomen. Dit in verband met de oefening, die de kunst moet baren. Ik heb in geen jaren zoveel gerekend op één dag, maar de resultaten zijn zeer bevredigend. Leve „zeevader” Ad C. die mijn eerste schreden op dit pad van de zwarte navigatiekunst heeft begeleid.
Het weerbericht van 14.00 uur is het volgende vaste punt van de dag en altijd weer spannend i.v.m. de geboorte van eventuele nieuwe stormen en de te verwachten windrichting. Dan middageten, soep en uiteraard weer crackers. Om de beurt slapen we daarna wat. Om 16.00 uur wordt de zon voor de laatste keer geschoten en even later kan ik een kruisje in de kaart zetten. Dan is het hoog tijd voor de borrel en het avondeten.
Als we daarna koffie drinken in de kuip stellen we vast dat het leven goed is in de Oolf van Biscaye en ondanks de Z.W. wind. Direkt na de zon, om ongeveer 21.00 uur ga ik slapen tot 24.00 uur. Vervolgens samen wat praten en eten (fruit deze keer, geen crackers), weerbericht van 00.30 uur en dan is het tot half vier mijn beurt. Deze nachtelijke uren behoren tot de betere van het etmaal. Het is volle maan, de deining is lang en traag en Lady snijdt er rustig doorheen.
Afgezien van een enkele visser is er geen „overig verkeer”. Er is dus genoeg ruimte om de gedachten te laten dwalen. Soms leidt dit tot een hazeslaapje (niet best voor een serieuze denker natuurlijk), maar de veiligheidshalve in het hondehok gehangen eierwekker roept tijdig voor de plicht. Uitrekken, zachtjes naar beneden, koffie drinken, beetje lezen en weer naar boven. Het zijn uren van zeldzame rust en vredigheid. Om half vier wisselen we weer. Marianne geniet van de zonsopgang en ik van de slaap. Het weerbericht van 06.30 uur besluit de nacht.
Teleurstelling
Heel tevreden vorderen we zo in de richting van La Coruna, tot die mistige ochtend van de zevende dag. Als deze dag in de nacht overgegaan is blijven we beiden op teneinde vuurtorens en tonijnvissers in de gaten te houden. Het wordt een lange nacht en als de ochtend komt, komt tevens de teleurstelling. De inmiddels tot 8 opgelopen wind heeft ons samen met de stroom veel te zuidelijk gebracht. Overdreven voorzichtigheid en een foute schatting van de afstand tot de vuurtorens spelen ons nu parten. Een paar uur proberen we nog tegen stroom en wind op te werken, maar het wordt een martelpartij, waar we nauwelijks mee vooruit komen. De enige overblijvende keus is weglopen voor de wind en uit de wal. We kunnen wel janken. Via de marifoon bel ik La Coruna Radio voor het weerbericht. De wind zal afnemen van 8 tot 3 a 5.
Inmiddels zitten we daar, moe. slaperig en teleurgesteld in de gierende wind tussen wal en scheepvaartroute. Alle plannen voor ontmoetingen met familie, post ophalen, warme douches, op terrasjes zitten en terugzien op een geslaagde overtocht zijn aan diggelen.
We kunnen alleen maar ‘ deren dat dit een leerza vormende ervaring is geflfl besluiten om de volgende aan te lopen. Dat is VK dikke 130 mijl verder.
De hele dag blijft het sttf tig waaien. Soms krijgen’ de vlagen, die Lady bijt drukken. Ze schudt het dan af en ploegt weer vete i slaat iets tegen het roerrm rammelt daarna. Als Mn naar de wc wil gaat de t g deur niet open. De deur< „legkast” is met slot en sdge ren uit de sponning gevlopec schrijfmachine ligt in de “e< schone handdoeken en bsc goed eromheen gedrapeeüig kastdeurtje in de kajuit tn i open en een plastic emnHie. vijf kilo pindakaas valt k vloer. Het is kortom een’n bende binnen. Opruimen Ü dit moment niet bij. n Jh< Tegen de schemering pro Jee’ nog een beschutte baai bi#n( lopen, maar landmist en me vend water ontnemen hWiz op de geleidelichten. Helke riskant. ;r Verder dus, de donkere na>ce Hoewel ik dat soort v«m nooit heb geloofd komt er &TI uur of tien een in hemelse {■ kaftan geklede Arabier te Mie over de donkere golven opp: Als ik ook nog tot drie kee over de kaarten taf el in sla-n gevallen en Marianne d«fn aan het roer heeft is het d» dat we oververmoeid zijn. * dicijnkast komt er aan we nemen een pil. Qeen 1*” ber van dit soort dingen *lr erg nieuwsgierig naar de • king. Hij verdrijft bij mij d< en maakt Marianne wat ( lig. Maar we kunnen weer denken en dat is erg bel»1 op dit moment. er. Om 02.00 uur hebben weEn Finisterre gerond en kornejm luwte van de Westkust. oe’ beurt slapen we twee uurtF1′ gen zessen flauwt de wind11 e om negen uur staan alle b3″ bare zeilen weer bij. Sp
Vloeken
Als we Vigo aan gaan wind helemaal verdwenen.ei aan. Motor loopt even en J>n verder alle diensten. vV lucht wel pp maar helpt a; weinig. Motorluik open ven, brandstofleidingen cofre ren. Vuil in het tankfilter.aj uitschroeven, duim op gatee arme navigeren, op vissers bc en filter schoonmaken. E>ie»ui loopt in mijn mouw. Ik béc gelukkig. Filter inschroeve’et dingen ontluchten. Startefee tor loopt. Om 15.00 uur rt tussen de eilanden door de Ia Vigo in en om 16.00 uur vla anker; twintig meter van van tropische allure. cci Mijn hele lichaam doet pij’ei verrichten de laatste hafcf gen wankelend. i« T, We zijn zeer gelukkig.
Wees de eerste om te reageren